Schaakridders van Magnus grijpen hun Heilige Graal met sensationele bekerwinst

Als een locatie de Schager strijdlust zou moeten uitbeelden, dan is het Schager Slot het wel. Symbool van een roemrucht verleden met onder meer de afbeelding van Jacoba van Beieren aan de wand. Haar achternaam ten spijt was ze een dame van de latere Lage Landen, met name haar geboorteregio Henegouwen, Holland en Zeeland. In de voortdurende strijd tussen de Hoeken en de Kabeljauwen wist ze haar positie niet te behouden, maar maakte ze vanuit gevangenschap een spectaculaire comeback waarbij ze de heersende orde in Kennemerland en West-Friesland deed sidderen om tenslotte alsnog het moede hoofd te buigen. De opmars kent ons geliefde EP:Beerepoot Magnus nu ook, waarbij we het einde van Jacoba als waarschuwing mogen nemen. We hebben de comeback gemaakt, nu is het aan ons, dappere Galliërs van het Noorden zoals ons lid Niels Wijntjes ons noemt, om het verworvene te behouden en onze invloed, als het kan, als echte adellijken uit te breiden.

Een sage is herboren

Nu is het woord adel in een groot deel van West-Friesland een vies woord, maar niemand ontkomt aan zijn eigen geschiedenis. Zeker niet als er een echte bokaal (nou ja, figuurlijk dan want de beker die de Noord-Hollandse schaakbond bekostigt had is meer een stampertje en dan moet je niet te hard slaan, want dan ligt ie aan gruzelementen) op het spel staat. Het is slechts de Noord-Hollandse beker, maar voor een club die van zo ver heeft moeten komen een Heilige Graal. En dat brengt ons bij de vergelijking die er nog meer toe doet. Nee, dat is niet Jacoba en ook niet Asterix en zijn vrienden, maar de naam die al eeuwenlang rondzingt in Schagen. Ridder Magnus. Ook hij moest van ver komen. Helemaal uit Egypte waar hij tijdens de Vijfde Kruistocht vanaf 1213 zijn naam vestigde. Dankzij Magnus zou in 1219 de kust- en Nijlstad Damiate zijn veroverd, waarmee de kruisridders zowel aan de poort stonden van het Heilige Land als van de aloude rijkdom en vruchtbare gronden van Egypte. Het schilderij met Magnus van Schagen stond op deze zaterdag troosteloos op de grond. Van de muur gevallen? Schoonmaakwerkzaamheden? Hoe dan ook voelde je op deze dag zijn terugkomst naar zijn kasteel. Alsof de warme Saharawind vanuit Egypte zijn geest en strijdlust meebracht… Het Slot van Schagen werd op deze zaterdag een echte arena, met veel zweet, gepijnigde gezichten en een temperatuur die uur na uur steeg naar tropische waarden. Dat was natuurlijk niet de bedoeling (de volgende keer moeten we wat aan de ventilatie doen) maar het bracht de heroïek van de schaakslag van Schagen wel naar waarden die ridderwaardig zijn.  De mannen die zaterdag achter de borden zaten hebben hun stad, hun club en ‘hun’ kasteel dat overigens veel te vaak verlaten is, op de kaart gezet en daarmee geschiedenis geschreven.

Verhaal van de comeback

De greep naar de heerschappij begon in de koude winter toen we met succes de Haarlemmers van HWP terugwezen. Daarna was het de beurt aan de Kennemers van Hoofddorp en volgde er een verrassend overtuigende overwinning op de Waterlanders van Purmerend. In slechts twee maanden tijd waren de schaakridders van Magnus gevreesd tot in de uithoeken van Noord-Holland. Vanuit de ruïnes van weleer waren echter niet alleen sterke mannen opgestaan om de Heilige Graal te bemachtigen. Ook in het business as usual, de competitie, moest er machts- en landuitbreiding komen. Ook dat lukte wonderwel. Alle wedstrijden werden gewonnen, al werkten de West-Friezen in hun aloude hoofdstad Hoogwoud –waar ooit graaf Willem II een kopje kleiner werd gemaakt- niet mee en bleef nog dichterbij huis de burgerij van Heerhugowaard zich verzetten. Sterker, zij wensten geen stap opzij te doen voor de Heilige Graal en kwamen zaterdag in volle wapenuitrusting naar het hol van de leeuw. En zij kwamen niet alleen… De Zaankanters hadden in de afgelopen maanden de manschappen uit Schagen ontlopen maar vielen onder de banier van Krommenie het slot aan. Daarbij hadden ze de krachten bovendien gebundeld, want de ervaren man met de adellijke achternaam De Saegher was tot hun keurkorps toegetreden.  En de Kennemers weigerden ook op te geven onder het mom van ‘we hebben wel de slag maar niet de oorlog verloren’. Zij hadden de Heilige Graal vorig seizoen veroverd en waren erop gebrand om hem met hand en tand te verdedigen. Althans, zo zag het er aanvankelijk naar uit. Op deze speciale zaterdag had het scherpe gehoor van De Uil opgevangen dat er wel erg veel sterke mannen in het Schager slot zaten. Het gevolg: desertie in de eigen gelederen en een verzwakte afvaardiging dat op deze finaledag geen rol van betekenis kon spelen. Kansloos onderuit in de halve finale tegen Heerhugowaard en later ook kansloos in de kleine finale tegen Krommenie, met uitzondering van kopman Ad Reijneveld die in beide wedstrijden wel overeind bleef.

De halsstarrige rivaal

De Schager schaakridders moesten met lede ogen toezien hoe de Heerhugowaarders zich in rap tempo verzekerden van een finaleplek. Ook voor hen was het een historische dag. Opgericht in 1967 had Heerhugowaard nimmer een plek veroverd op de finaledag. Datzelfde geldt voor onze eigen Magnus-mannen waarvan de banier sinds 1953 wappert. In dat opzicht was Krommenie beter bedeeld. Dat team had de Noord-Hollandse beker in 2013 al een keer gewonnen en die ervaring namen ze mee naar de borden op deze schaakslag. Los van de nieuwe ervaring stond er ook in ander opzicht druk op de Magnus-ridders. Zij hadden naast de trouwe sponsoren EP:Beerepoot en Verheul fondsen los geweekt bij andere geldschieters: RPR Camper & Caravan Service, Vakgarage Fakkert Schagen en Valkering Tweewielers/Classics.  Die wilden natuurlijk wel waar voor hun geld. En boter bij de vis hield meer dan het betalen van de zaalhuur en de lunch waarvoor wij zij uiteraard wel erg danken.

De halve finale

De spanning eiste echter zijn tol. Alle Magnus-schakers kwamen tegen Krommenie minder uit de opening. Warner de Weerd kwam  in een huisvariant van Wim Moene terecht. Hij rook terecht onraad en vluchtte in een eindspel waarin hij een tikkeltje minder stond maar zwart ook geen winstkansen meer had. Ook Piet bereikte niets in de opening en moest zwaar in de denktank om gelijk spel te bereiken. Dat lukte, hij kwam zelfs iets beter te staan tegen Chris de Saegher. Maar meer dan remise zat er in het lopereindspel niet in, hoewel hij het nog lang bleef proberen. Dat laatste had een duidelijke reden: Enrico van Egmond stond aan bord drie tegen Cor van Dongen teruggedrongen en Wim Boom had tegen Simon Groot de compensatie voor de geofferde pion geneutraliseerd zien worden. Het zag er somber uit voor de Magnus-ridders, maar toen verzon onze topscorer Wim na lang bomen een heuse Odysseus-list. Elk weldenkende schaker had vroeger of later de pion opgeschoven na h3 om de welbekende uitglijder op de onderste rij te voorkomen en om een invasie op het kwetsbare ‘kanteel’ g4 te voorkomen. Onze Wim trok het harnas juist wat strakker aan en liet de vijand op dat kanteel zijn spreekwoordelijke voet plaatsen, om hem vervolgens te laden uitglijden van schrik van een springend paard.  Die paardmanoeuvre leverde hem als beloning voor het Trojaanse paard dat hij bedacht had een paard op….zonder dat die door de vijand in de hens kon worden gestoken (als u het als Homerus-kenner nog kunt volgen). Hoe dan ook, van dat extra paard maakte Wim uiteraard geen salami. Hij koesterde het als een Arabier om vervolgens het klaterende applaus in ontvangst te nemen van omstanders en de sip kijkende maar groots houdende Groot. En dan was er onze man met zijn eveneens adellijke achternaam. Deze Van Egmond wist dat overgave zou betekenen einde zoektocht Heilige Graal, einde bekroning van een prachtseizoen en weliswaar geen Waterloo zoals die beroemde  voorganger op dat Brusselse plein maar wel een roemloze aftocht. Bij 2-2 zou namelijk de score aan het laatste bord vervallen en was Krommenie door. Dus Van Egmonde(e) rechtte zijn rug en sloeg slag na slag af die Van Dongen op hem neer deed dalen. Langzamerhand nam de wanhoop zich meester van de Zaanse schaakkrijger. Hij moest winnen maar zag steeds minder zwakke plekken in de vijandelijke veste. En dus deed hij een wanhoopspoging die hem zeer veel (soldaat)boeren kostte en met die pionnen ook de partij. Echt een puike prestatie van onze Noordkop-topper, want onze Magnusman deed onder zware druk bijna steeds de beste zet en redde daarmee de Magnusveste.

De finale

En toen was het moment van herkenning aangebroken, waarbij de vraag was: wie had bij deze herhaling van zetten het momentum? Was het Heerhugowaard, omdat ze na het eerdere verlies in de competitie het ‘morele recht’ op revanche meenden te hebben? Of was het Magnus waarvan de zwaarden nog bloedden van het epische gevecht met Krommenie en die naast dat opgedane zelfvertrouwen ook nog wellicht het psychologische voordeel van de eerdere competitiezege hadden?  Het laatste dus, in ieder geval in eerste instantie, want Heerhugowaard besloot uit angst voor onze lansdrager Piet (ja, hij in staat om met een wel doordacht plan zijn tegenstander op termijn en op afstand vervelend te ‘prikken’) het eerste bord op te offeren. Daar zat nu vierdebordspeler Gerrit van Oostrom. Warner mocht aan twee het zwart opnemen tegen de sterkste Heerhugowaarder Kevin Tan. Enrico trof na zijn huzarenstuk in de halve finale nu routinier Piet de Haas en onze topscorer Wim kruiste de degens met de Heerhugowaardse topscorer Dennis Keetman.

Lange tijd was er geen tekening in de strijd. Piet kwam met wit beter uit de opening, maar verbruikte veel tijd. Warner had juist tijdsvoordeel en met zwart gelijk spel bereikt. Enrico kreeg het opnieuw zwaar te verduren, want De Haas koos verre van het hazenpad: hij ging na een Konings-Indische opening vol in de aanval. En ook Keetman opende na een rustige opening, waarbij hij positioneel voordeel leek te verwerven door Wim een dubbelpion te bezorgen vol in de aanval. Het vierde speeluur brak inmiddels aan en in het stof van het strijdgewoel begonnen de eerste contouren zich af te tekenen wie er zou sneuvelen. Het was in eerste instantie de achterhoede bij Heerhugowaard die faalde: dat onze Boom onbreekbaar was wisten we al, maar hij bleek ook zoveel veel behendiger te zijn dan Keetman dat hij zowel pijlen kon ontwijken als ze zelf af te vuren. Toen al het rekenwerk was afgelopen, restte voor Keetman niets anders dan de aftocht blazen. Oneindige glorie lag in het vizier, want Van Egmond(e)had inmiddels de ruiterij van De Haas niet alleen op de vlucht doen staan maar ook een knol in bezit genomen. En toch ging het nog mis. Met een laatste desperado schiep De Haas nog een laatste keer dreigingen op de witte koning. Moe van de zware strijd in de ochtenduren en de van meet af aan felle gevechten met de ervaren Heerhugowaardse krijgsman koos onze man niet voor de beste verdediging en zag tot schrik hoe enkele Heerhugowaardse ‘boeren’ (pionnen bedoel ik wel te verstaan) zijn monarch in het hart troffen.

De apotheose: het ging nog bijna mis

1-1 derhalve en alles was weer troebel. Onze effectieve lansdrager stond inmiddels een pion voor, maar zat in zware tijdnood. Gelukkig schoot Warner hem te hulp. Hij overspeelde Tan in het middenspel en nam met een gepointeerd kwaliteitsoffer het heft definitief in handen. De stelling was direct gewonnen en helemaal toen er ook nog twee pionnen van het bord gingen. In tijdnood (en door de warmte) miste Warner enkele malen de winst, ook al omdat hij elk risico wilde mijden opdat de tegenstander met zijn torens of dame zijn stelling zou binnendringen. Met nog enkele blikken op de klok leerde een snelle blik naar links dat onze kopman inmiddels gewonnen stond. Hij bleef koel genoeg om remise door zetherhaling af te dwingen…en dat was nu precies wat Gerrit van Oostrom  ook had kunnen doen. In een vlaag van onoplettendheid liet onze Piet om tijd te winnen drie keer dezelfde stelling toe. ,,Ik voelde het, maar wist het niet zeker en checkte het te laat”, reageerde de Heerhugowaarder na afloop. Hij zei met een gelatenheid en een diep bedroefde blik, want remise had 2-2 betekend en een gang van de cup naar Heerhugowaard, omdat het resultaat van Wim (zijn winstpartij) zou zijn vervallen. Het zou Heerhugowaardse historie tot in de oneindigheid hebben ingehouden, maar wellicht was het de geest van ridder Magnus die Gerrit benauwde en hem snel liet doorspelen. Of misschien was het gewoon Piet die in een eindspel van paard tegen loper niet alleen een technisch gewonnen eindspel met een pion meer had bereikt, maar zijn tegenstander ook in een houdgreep had. Van Oostrom zag in dat het tijd was om het bijltje erbij neer te gooien, waarna arbiter Avis de tegenstanders met opgeheven hoofd en een nog kleinere beker naar huis liet wederkeren. Magnus was baas in eigen huis gebleven, maar schreef bovenal historie.

VOOR HET EERST IN DE 64-JARIGE GESCHIEDENIS HEBBEN WE EEN ECHTE HOOFDPRIJS GEPAKT!

Een tastbare prijs. Het schaken in Schagen staat tien jaar na de succesvolle jeugd NK’s weer op de kaart. Na tien jaar verval is er nu grootse glorie. Dankzij niet alleen de vier hoofdrolspelers van de middag, maar ook coach Jos Hendriks, zijn assistent Richard Bolster, onmisbare kracht Ronald Komen, Wim Smit, Ed Oostenburg en al die andere vrijwilligers die deze historische dag van nog meer glans hebben voorzien. Dank heren, dank jullie allemaal!

Naschrift: Het is niet bekend welke rol Magnus van Schagen precies heeft gespeeld bij de inname van Damiate. Was het alleen met het zwaard of was het ook met het hoofd, met tactische ingevingen? Op deze zaterdag was zijn beeltenis genoeg om met zijn zwaard in gedachten de tegenstander te geselen. En nu ook maar zijn heroïek in gedachten houden, zijn hoogtepunt en niet het levensverhaal van Jacoba. Magnus is klaar voor de volgende slag. Niet alleen meer in Noord-Holland, want de Noord-Hollandse Heilige Graal geeft ons ook het recht schaakvesten buiten de provinciegrenzen aan te vallen. Na de Haarlemmers, Kennemers, Waterlanders, Zaankanters en vooral de halsstarrige West-Friezen uit Heerhugowaard (ja, dat zijn ze echt volgens de oude grenzen) is het nu tijd dat de rest van Nederland de zwaarden van Magnus leren kennen. Eerst op bescheiden schaal (zie het als een verkenningstocht) met vier man, het seizoen erop hopelijk op volle oorlogssterkte met acht man….

6 thoughts on “Schaakridders van Magnus grijpen hun Heilige Graal met sensationele bekerwinst

  1. Rob Terrahe

    Wat een geweldige “reportage”
    Klasse hoor, de sfeer van het toernooi komt helemaal terug
    sc Magnus staat weer op de kaart! Prima

  2. Ed Hoes

    Wat een verhaal. Wat een geschiedenis. Leest als een spannend boek!!
    EN WAT EEN RESULTAAT!!!!
    TOPPRESTATIE!!!

  3. Bert Goedegebuure

    Heren magnusschakers,

    Alhoewel sinds enige tijd residerend in de hofstad Den Haag volg ik niettemin van tijd tot tijd de diverse ontwikkelingen ik ben dan ook zeer onder de indruk van de enorme prestaties die het eerste team heeft neergezet. Een historisch feit en op juiste wijze in een historische context beschreven. Mijn complimenten!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *